Pedanda

Priesters zijn een geliefd onderwerp in de Balinese art deco houtsnijwerken. Zij lenen zich ontzettend goed voor expressieve beelden met veel symboliek, mede dankzij de attributen en kledij waarmee zij vaak worden afgebeeld.

In Bali zijn er twee soorten priesters, de Pemangku en de Pedanda.

De Pemangku priester is kan de meeste religieuze taken uitvoeren, zoals het geven van zijn zegen en het leiden van kleine religieuze ceremonies. De werkzaamheden die deze priesters verrichten zijn bijv. het uitdelen van heilig water, het arrangeren van offers en het onderhouden van de tempel. Vaak zijn zij te herkennen tijdens een ceremonie door een geheel witte outfit.

De Pedanda is een hoge priester. De term Pedanda is bedoeld voor mannelijke hoge priesters. De Pedanda Isteri is de term waarmee vrouwelijke hoge priesters worden aangeduid.

De Pedanda leidt enkel religieuze ceremonies, die over het algemeen groter en complexer zijn. Dit zijn bijv. ceremonies die worden gehouden in belangrijke tempels. Daarnaast is een taak het verspreiden van kennis over het geloof onder de bevolking. De Pendanda is o.a. te herkennen aan de kledij die hij draagt. Dit zijn vaak een speciale, hoge hoed, priesterkoorden, welke schuin over de schouder worden gedragen, zodat deze op de andere heup terecht komen. Een koord dat over de linkerschouder hangt, komt dan uit op de rechterheup. Vaak zijn er priesterkoorden over de linkerschouder en over de rechterschouder te zien. Ook heeft de pedanda vaak bijzondere kleding aan met gouddraad decoraties.

De geboorte is doorslaggevend, tot welk niveau priester je behoort. Een Pamengku wordt één keer geboren, vanuit de moeder, waardoor zij als menselijk worden beschouwd.

Een Pedanda, wordt twee keer geboren: vanuit de moeder en voor de tweede keer vanuit een Nabe (heilige guru). Hierdoor worden zij beschouwd als bovenmenselijk op het gebied van spiritualiteit, waardoor zij in staat zijn/bij machte zijn om spiritueel leiding te geven en grote en belangrijke ceremonies te leiden.

Daarnaast is de Pedanda te onderscheiden in de Pedanda Siwa en de Pedanda Buddha.De Pedanda Siwa draagt zij haar in een oplopende cirkel. Deze haardracht is agelung genoemd. De Pedanda buddha draagt het haar Acekur asipat Aking: Een haardracht tot net onder het oor geknipt. Ook in de hoed die zij dragen is een verschil. De Pedanda Siwa draagt een zwarte hoed, welke gedecoreerd is met de Nawa Senajata (het wapen van de 9 directies/stromingen) . De hoed van de Pedanda Buddha is rood en vaak rijkelijk versierd. Belangrijke andere attributen voor de Pedanda zijn zijn bel (ook wel Ghanta genoemd) en de Bajra (welke soms ook het woord is waarmee de bel wordt bedoeld, maar ook een ander heilig attribuut wordt aangeduid, welke qua vorm overeenkomst met de bel)

Bovenstaande is maar erg beknopte uitleg. De werkelijke uitleg van wat de verschillende priesters in Bali zijn, is zeer uitgebreid en complex.

Priester beelden waren een populair onderwerp in de Balinese houtsnijkunst en hier zien we dan ook regelmatig prachtige exemplaren opduiken. Waardevol en veel verzameld worden deze priester beelden. De leden van de Pita Maha maakten de mooiste beelden met voorstelling van priesters en van Tinya beelden (zie Tinya/ Acintya).

Rudolf Bonnet zei over deze priesterbeelden: “De Pedanda-Ciwa, officieerend of neergezeten in gebed in allerlei ceremonieele houdingen en vormen, tot fantastische, naakte onwezenlijke gestalte toe, werd in deze eerste periode een geliefd onderwerp”.

Als we terug gaan naar de houtsnijwerken, dan worden priesters vaak afgebeeld met diverse attributen, zoals een bel, een vuurschaal of één of twee eieren in de handen. Deze priester heeft één ei in zijn handen. De betekenis hiervan zou te maken kunnen hebben met een huwelijksceremonie, waarbij een ei over het lichaam van de bruid en bruidegom wordt gerold. Dit beeld zou daarmee een ‘huwelijksbeeld’ kunnen zijn en staan voor een voorspoedig huwelijk. Een andere uitleg zou het volgende kunnen zijn, wat we hier zèèr beknopt beschrijven vanwege de complexiteit van dit ritueel: Het Balinese Hindoeïsme kent veel overgangsrituelen. Een onderdeel hiervan is Manusa Yadnya. Elk van deze rituelen bestaat uit 4 basis rituelen, waarvan er één de Majayajaya is. De Majayajaya bestaat ook uit verschillende onderdelen. Eén onderdeel hiervan kan het volgende zijn: Nakep Taluh of Maisuh-isuh: Het vasthouden van een ei, dat onderdeel was van een isuh-isuh offer (reinigingsritueel). Dit ei is een symbool voor de ontwikkeling van lichaam en geest. Dit zou goed passen bij een priester beeld: een priester is namelijk altijd bezig met de ontwikkeling van lichaam en geest op spiritueel vlak.

Vaker komen we priester beelden tegen, waarbij de priester twee eieren vast heeft, één in elke hand. Wanneer er twee eieren worden afgebeeld, is dit idee vaak een uitbeelding van het verhaal, dat u ook zult lezen bij het verhaal van Garuda en de twee naga’s (deze zal later worden toegevoegd).